Over het project

Hoe Amsterdam een thuishaven voor 180 nationaliteiten werd

Met meer dan 180 nationaliteiten scoort Amsterdam hoog qua diversiteit. Is dat iets om trots op te zijn? We vroegen het de Amerikaanse historicus en schrijver Russell Shorto, voormalig Amsterdammer en auteur van twee veelgeprezen boeken over Amsterdam. ‘Het gaat niet zozeer om diversiteit, maar vooral om jullie openheid.’

Tekst Russell Shorto

De verscheidenheid aan nationaliteiten waarmee ik in aanraking kwam gedurende de zes jaar dat ik in Amsterdam woonde, werd nooit vanzelfsprekend voor me, maar het schrijven van een column over diversiteit in de stad biedt een mooi excuus om erover na te denken. Fransen, Ieren, Iraniërs, Marokkanen, Amerikanen, Canadezen, Zuid-Afrikanen, Australiërs, Israëli, Afghanen en Belgen. O ja, en Nederlanders. Maar gewoon dat lijstje opdreunen is al te gemakkelijk. Iedereen die in een stad woont, waar dan ook ter wereld, kan met gemak een zelfde lijst samenstellen. Dat is nu eenmaal kenmerkend voor de wereld waarin we leven. Maar waar de diversiteit van Amsterdam zich onderscheidt, is hoe ver ze teruggaat in het verleden. Het is misschien overdreven om te beweren dat Amsterdam het fenomeen diversiteit heeft uitgevonden, maar vast staat dat de groei van Amsterdam en de bloei van de stad tijdens de Gouden Eeuw juist alles te maken had met zijn diversiteit. Het is in ieder geval niet overdreven om te stellen dat Amsterdam, als smeltkroes van Europa in de zestiende en zeventiende eeuw, een blauwdruk vormde voor het moderne stadsleven.

Bedrijfstaal
‘Diversiteit’ is onmiskenbaar een modewoord. Voor mij klinkt het als politiek correcte kantoortaal. Het is een teken dat de spreker op het punt staat om een vermeend achtergestelde kritische groep tevreden te houden met een retorische truc. Er klinkt onoprechtheid in het woord door. De realiteit achter het woord is echter het tegenovergestelde van voorspelbaar en onoprecht. De echte wereld met zijn wolkenkrabbers van glas en staal en zijn overvolle trottoirs is een plek waar etniciteiten, talen en keukens in een stoofpot samenkomen en waar razendsnel nieuwe producten en gewoonten uit voortkomen. De echte wereld is ver vooruit waar het diversiteit betreft. Amsterdam, met zijn unieke rol in de geschiedenis van Europa, heeft de basis gelegd voor die echte wereld. Rond 1584 was Amsterdam dé bestemming van veel vluchtelingen. Spanje had de Zuidelijke Nederlanden aangevallen. Antwerpen, het New York van de zestiende eeuw; centrum van financiën en internationale handel, viel in handen van de Spaanse inquisitie. De mensen raakten in paniek. Bankiers en textielfabrikanten, cartografen en kruidenhandelaars, joden en christenen: ze vluchten naar het noorden. Ook Amsterdam was in de loop van de zestiende eeuw opgebloeid; niet door de verfijnde handel waarin Antwerpen zich specialiseerde zoals zijde en kaneel, maar op groffe, aardse goederen zoals hout, zout en haring. Hoewel op bescheidener schaal en minder verfijnd dan in Antwerpen, begon de handel in Amsterdam ook toe te nemen. Veel Antwerpenaren waren op een of andere manier met de Amsterdamse handel verbonden, waardoor ze de stad als bestemming kozen toen ze vluchtten voor de Spanjaarden. Deze massale migratie bleek de eerste stap van Amsterdam te zijn in het ontdekken van het geheim van – laat ik het woord dan toch maar gebruiken – diversiteit. Je moet niet vergeten dat intolerantie voor het grootste deel van de geschiedenis van heel Europa, of eigenlijk van de hele wereld, officieel beleid was. Men dacht dat een gevoel van eenheid onder de bevolking een sterke en stabiele maatschappij garandeerde. Een mengelmoes van talen en godsdiensten stond gelijk aan wanorde, wat na verloop van tijd alleen maar tot chaos en uiteindelijk een machtsovername kon leiden. Naties verkondigden de boodschap van zuiverheid.

Galileo en Descartes
In een wereld vol intolerantie ontdekte Amsterdam, door massaal mensen uit heel Europa en zelfs Afrika en het Midden-Oosten op te nemen, dat juist het omgekeerde concept goud waard was. Tolerantie voor verschillen, niet enkel als officieel overheidsbeleid, maar ook op straat, tussen gewone burgers en buren, leidde tot relaties met verre landen, zakelijke deals en toegang tot nieuwe ideeën. En die nieuwe ideeën brachten dikwijls nieuwe bedrijfsactiviteiten en zelfs nieuwe industrieën met zich mee. Bovendien had de reputatie van tolerantie na verloop van tijd een vermenigvuldigend effect. Amsterdamse drukkers, onbehouwen ambachtsmannen met inktvlekken op de handen, speelden gretig in op de reputatie van de stad als verzamelplaats voor nieuwe ideeën door hun diensten aan te bieden voor het drukken van teksten met uiteenlopende thema’s, vrijwel zonder censuur. De stad werd al snel wereldhoofdstad van de uitgeverij. Politieke en wetenschappelijke geschriften, die op veel andere plekken in de wereld verboden waren omdat ze een aanval op heersende regimes en/of de kerk vormden, rolden van de Amsterdamse drukpersen. Galileo en Descartes lieten hun werken in Nederland uitgeven. Deze werken bevatten niet enkel nieuwe ideeën, maar droegen ook de kiemen van nieuwe industrieën. Wat zou jij als ondernemende zakenman hebben gedaan als je over de wonderbaarlijke mogelijkheden van de telescoop of de microscoop had gelezen? Je zou een fabriek hebben geopend die lenzen, oculairs, metalen buizen en andere onderdelen produceert. De chirurgen in de stad geven anatomische lessen aan de hand van het ontleden van lijken van geëxecuteerde moordenaars en meteen ontstaat een levendige belangstelling voor dit onderwerp. De persen worden aangezet en produceren prachtige full colour werken die de complexiteit van het menselijk lichaam beschrijven. Een schipper uit Noorwegen of IJsland meert aan op het IJ - toen de Amsterdamse haven – in een schip met een innovatief rompontwerp en onmiddellijk gaan de scheepswerven aan de slag. Zo werd Amsterdam het middelpunt van de Gouden Eeuw en op den duur het voorbeeld dat andere steden probeerden te kopiëren. Diversiteit in de zin van een streefaantal nationaliteiten is niet waar het om draait. Het gaat om openheid. Vandaag de dag beseffen we - sommigen van ons tenminste - dat maar al te goed. We weten dat innovaties op het gebied van windenergie, watermanagement, liftontwerp, zelfrijdende auto’s, biologisch afbreekbaar verpakkingsmateriaal en duurzame landbouw het resultaat zijn van het laten varen van reserves, van een waarlijk open samenleving.

Balkanisering
Met 180 nationaliteiten is Amsterdam tegenwoordig een afspiegeling van zijn verleden. De meest zichtbare eigentijdse vorm van de befaamde openheid van de stad tref je aan op plekken als de Dappermarkt in Amsterdam Oost, die de reputatie heeft de beste markt van Nederland te zijn. Er heerst een ononderbroken geroezemoes van talen. Je vindt er kopers, verkopers en producten uit Suriname, Indonesië, China, Thailand en Polen. Zo’n tafereel kan natuurlijk ook duiden op het tegenovergestelde van openheid, namelijk op balkanisering: de neiging van etnische gemeenschappen om zich af te zonderen, niet te mixen of ideeën te delen. De angst voor de ander - de angst voor terrorisme, voor nieuwkomers die banen innemen of voor een overvloed aan vreemde culturen die de onze opslokken - is in Europa de laatste tijd sterker geworden. Het ‘nativisme’ – het bevoordelen van de eigen cultuur ten opzichte van andere - is in opkomst. Er is reden tot bezorgdheid. De motor van de geschiedenis kent echter geen achteruit. De geest is uit de fles; de wereld van onze kinderen zal onvoorstelbaar anders zijn dan die waarin wij opgroeiden. Misschien wordt die wereld donkerder en angstaanjagender. Hij zou ook zorgelozer, opener, veiliger kunnen zijn, met meer mogelijkheden. Maar om dat te bereiken hebben we moed nodig. Het Amsterdam van nu – de stad die ik ken, waar ik heb gewoond en waarover ik heb geschreven – kent zijn geschiedenis en weet wat goed heeft gewerkt. Zelfs zoiets als de Zwarte Pieten-discussie is ontzettend gezond. Het is een uiting van een optimaal functionerende mix van culturen en achtergronden. Oude stereotypen worden gezien voor wat ze zijn: oud en stereotype. Nieuwe tradities kunnen worden uitgevonden. Het verleden van Amsterdam is zijn toekomst.

Comité van Aanbeveling:

  • Eberhard van der Laan (burgemeester Amsterdam)
  • Sylvana Simons (presentator, host, spreker)
  • Martin Berendse (directeur OBA)
  • Paul Luijten (directeur Corporate Affairs Schiphol)
  • Tracy Metz (journalist)

Nieuws & Events

Ontdek andere verhalen